Szekszard wijnregio: Kadarka druif en historische kelders
Stel je voor: je staat midden in de zonovergoten heuvels van Zuid-Hongarije.
De geur van aarde en rijpe druiven hangt in de lucht. Dit is Szekszard, een plek die je direct raakt. Het is veel meer dan een wijnregio. Het is een plek waar je de geschiedenis letterlijk kunt proeven.
Je stapt uit je auto, nadat je een prachtige rit door de heuvels hebt gemaakt, en je ruikt meteen de zoete, kruidige geur van de beroemde Kadarka-druif. Je bent hier niet voor een snelle sightseeingtour in Boedapest.
Je bent hier voor de echte Hongaarse ziel. De wijnstokken staan hier al eeuwenlang op de vruchtbare bruine aarde.
Dit is de regio van de dieprode wijn, de eeuwenoude kelders en de ongedwongen sfeer. Je voelt je hier meteen thuis, alsof je bij vrienden op bezoek komt.
Waarom Szekszard de moeite waard is
Veel reizigers die naar Hongarije komen, blijven hangen in de bruisende straten van Boedapest of ontspannen aan de oevers van het Balatonmeer.
Dat is prachtig, maar je mist dan iets essentieels. Szekszard laat je het andere, stillere Hongarije zien. Het is een regio die leeft van en voor de wijn.
Het belang van deze plek zit 'm in de authenticiteit. Hier geen toeristische wijnproeverijen met een strak schema, maar echte ontmoetingen.
Je leert waarom de Kadarka-druif zo speciaal is. Je begrijpt de cultuur van de 'pince' (wijnkelder) pas echt als je er zelf een binnenstapt.
Het is de perfecte aanvulling op een stedentrip. Je kunt makkelijk een dag vanuit Boedapest of zelfs vanaf het Balatonmeer hier naartoe rijden. De reis beloont zich met een ervaring die je smaakpapillen en je hart verwarmt. De regio is ook belangrijk omdat het de geschiedenis van Hongarije in een notendop is.
De Turken hebben hier vroeger gewoond en hun liefde voor wijn achtergelaten. De Oostenrijers hebben hun stempel gedrukt op de architectuur.
En de lokale boeren? Die hebben de traditie van het wijnmaken in stand gehouden, generatie op generatie. Proeven in Szekszard is dus proeven van eeuwen cultuur.
De ster van de show: de Kadarka-druif
De Kadarka is de koningin van Szekszard. Zonder deze druif zou de regio niet zijn wat het is.
Stel je een lichte, frisse rode wijn voor. Niet te zwaar, niet te licht. Precies goed.
Hij ruikt naar rode bessen, maar ook naar kruiden. Een beetje peper, een vleugje kers. Als je hem proeft, voelt hij levendig aan. Hij heeft frisse zuren en zachte tannines.
Dat maakt hem perfect bij eten, maar ook heerlijk om zo te drinken op een warme middag.
Het bijzondere aan Kadarka is dat hij heel trouw is aan zijn herkomst. Op de bruine lössgrond van Szekszard groeit hij op zijn best. Hij houdt van de warmte hier, maar de koele nachten zorgen voor de frisheid.
Veel wijnmakers laten hem nu ook wat langer rijpen op eikenhouten vaten. Daardoor krijgt de wijn meer diepte en structuur, zonder dat hij zijn fruitige karakter verliest.
Je hebt ook de 'Kadarka Mix'. Dat is een blend van verschillende Kadarka-stammen.
Die geven vaak complexere, spannendere wijnen.
Hoe een bezoek aan de wijnkelders werkt
Een bezoek aan Szekszard draait om de 'pince', de wijnkelder. De meeste zijn te vinden in de wijk Szekszard-Báta, op rijafstand van de historische kroningsstad Szekesfehervar.
Je kunt ze vaak herkennen aan de houten deuren en de geur van hout en wijn. De werking is simpel en laagdrempelig. Je rijdt naar een van de kelders, parkeert je auto en loopt naar binnen.
Vaak zit de wijnmaker zelf achter een simpele tafel. Je begint met een glas 'fröccs', een mix van wijn en spuitwater.
Dat is het Hongaarse antwoord op een aperitief, zeker wanneer je de hoogst gelegen wijngaarden van Hongarije bezoekt. Daarna mag je proeven.
De meeste kelders hebben een standaard proefpakket. Je krijgt 3 tot 5 verschillende wijnen te proeven. De wijnmaker vertelt je over elke wijn, waar de druiven vandaan komen en hoe hij ze heeft gemaakt. Het is een informeel samenzijn.
Soms sta je letterlijk tussen de vaten. De temperatuur in de kelder is heerlijk koel, zelfs op een hete zomerdag.
Na het proeven koop je makkelijk een paar flessen. De prijzen zijn heel redelijk. Een goede fles Kadarka koop je al voor €6 tot €10. De exclusievere wijnen, zoals een 'Szürkebarát' (Pinot Gris) of een 'Kékfrankos' (Blaufränkisch) van oude stokken, kosten tussen de €10 en €15.
Soorten kelders en een indicatie van de kosten
Niet alle wijnkelders zijn hetzelfde. Je hebt de traditionele, familiebedrijven.
Denk aan de Szekszard-báta Pince of de Heimann Családi Pince. Hier voelt een bezoek heel persoonlijk.
Je zit vaak buiten op een houten bankje. De kosten voor een proeverij hier zijn laag. Reken op ongeveer €5 tot €10 per persoon. Dat is vaak inclusief een glas water en brood.
Je betaalt meestal per fles die je meeneemt. Je hebt ook modernere wijnhuizen.
Die zien er strakker uit. Ze hebben vaak een aparte proefruimte met grote ramen en designmeubels. Denk aan wijnmakers die experimenteren met nieuwe technieken.
Een dagje Szekszard: praktische tips
Hier betaal je iets meer voor de proeverij, misschien €10 tot €15 per persoon. De wijn is wel vaak avontuurlijker.
Ze maken bijvoorbeeld natuurwijnen of hele droge, krachtige rode wijnen. Voor een overnachting in een wijnhuis of een B&B in de buurt betaal je tussen de €60 en €100 per nacht.
Een simpele camping in de regio kost vaak maar €15-€25 per nacht voor een tent of camper. Om het meeste uit je bezoek te halen, moet je een plan hebben. Dit is hoe je een perfecte dag plant.
- Plan je transport: Huur een auto. Het is de beste manier om de heuvels te verkennen. De rit vanuit Boedapest duurt ongeveer 2 uur. Vanaf het Balatonmeer is het ongeveer 1,5 uur rijden. Zorg dat je een Bob-sober chauffeur hebt, want proeven mag je niet missen!
- Timing is alles: Ga in de middag. Dan zijn de meeste kelders open. De zon staat laag en de temperatuur is aangenaam. In de zomer is het 's avonds nog lang licht. Dan kun je na de proeverij nog een lokaal restaurantje opzoeken.
- Wat te eten erbij: Hongaarse wijn vraagt om Hongaars eten. Bestel een portie 'kolbász' (worst) of 'túrós csusza' (noedels met kaas en spek) bij de kelder. Dit combineert perfect met de kruidige Kadarka.
- De juiste kleding: Draag schoenen die tegen een beetje modder kunnen. De paden naar de kelders zijn soms onverhard. En neem een trui mee, ook in de zomer. In de kelder is het altijd fris.
- Taal: Niet iedereen spreekt vloeiend Engels. Download een vertaalapp op je telefoon. Een glimlach en een 'Köszönöm' (dankjewel) doen wonderen.
Combineer met thermale baden en natuur
Szekszard is meer dan alleen wijn. De regio heeft prachtige natuur en ontspannende baden.
Na een dag proeven is er niets fijner dan je spieren te ontspannen.
Rij naar het dorpje Szekszárd-Báta en zoek de thermale baden op. Het water is er warm en zit boordevol mineralen. Je betaalt ongeveer €10 voor een dagticket.
Zwemmen in het buitenbad terwijl je uitkijkt over de heuvels is pure magie. Zoek je meer avontuur na het ontspannen, ga dan kanoën op de Tisza rivier. Ben je met een camper?
Er zijn goede campings in de omgeving, zoals Camping Szekszard. Je staat daar rustig, tussen de wijngaarden. Vanaf de camping kun je prachtige wandelingen maken door het Szekszard-gebergte. Je kunt ook de historische stad Szekszard zelf verkennen.
Bezoek de prachtige bibliotheek en de markt. Proef daar lokale honing of verse kaas.
Zo combineer je de wijn met de lokale cultuur. Je reis wordt een mix van smaak, rust en beweging. Je voelt je op en top ontspannen.
Het hele jaar door genieten
Hoewel de zomer het drukst is, heeft Szekszard elk seizoen zijn charme. In de herfst kleuren de bladeren prachtig en is het oogstse